
De Talen van Olieverf
Olieverf wordt gemaakt door droge pigmenten te mengen met een medium van “droogolie,” zoals lijnolie of walnootolie, die de pigmenten bindt, waardoor ze nat op een oppervlak kunnen worden aangebracht en vervolgens langzaam drogen. De droogtijd van olieverf hangt af van het gebruikte medium. Traditionele olieverven kunnen tot wel drie weken nodig hebben om te drogen, terwijl bepaalde moderne olieverven, mits efficiënt verdund, binnen enkele dagen kunnen drogen. Het type olie dat wordt gebruikt, en andere factoren zoals de hoeveelheid verdunning, kunnen de visuele eigenschappen van de verf beïnvloeden, waardoor de glans meer of minder stralend wordt, de dikte meer of minder stroperig, en de kleur meer of minder levendig.
Hoewel olieverfschilderen al bestaat sinds minstens de 5e eeuw na Christus, wordt het potentieel ervan nog steeds onderzocht en uitgebreid vandaag de dag. In haar schilderijen toont Anya Spielman het fantastische bereik van tint, textuur, lichtkracht en doorzichtigheid die een schilder met olieverf kan bereiken. Gudrun Mertes-Frady onderzoekt de verheven kwaliteiten die kunnen ontstaan bij het mengen van olieverf met andere media, zoals metalen pigmenten. Pierre Muckensturm en Xanda McCagg tonen in hun schilderijen de diepgang van de relaties die kunnen ontstaan bij het mengen van olieverf met andere media zoals acrylverf en grafiet. Yari Ostovany gebruikt olieverf om een voelbare diepte te creëren en om de intense, elementaire rauwheid van het medium zelf te laten zien.






































